Rollator vergoeding aanvragen: Drempelwaarde eigen risico berekenen
Een rollator is voor veel mensen een echte uitkomst. Het geeft je weer zelfvertrouwen om naar buiten te gaan, zonder meteen bang te zijn om te vallen.
Maar zo’n ding is vaak duurder dan je denkt. Vooral als je net begint met zoeken naar hulp vanuit de Wmo of het CAK. Je wilt natuurlijk niet voor verrassingen komen te staan. Daarom is het slim om precies te weten hoe je de kosten kunt berekenen en wat je eigen risico nou echt betekent voor je portemonnee.
Wat is een rollator vergoeding eigenlijk?
Een rollator vergoeding betekent dat je (een deel) van de kosten voor je looprek terugkrijgt.
Meestal regel je dit via de gemeente, vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). De gemeente kijkt dan of je hulp nodig hebt om veilig te kunnen blijven lopen.
Dit heet een maatwerkvoorziening. Let wel op: de Wmo vergoeding is geen cadeaubon. Je betaalt altijd een eigen bijdrage. Dit bedrag hangt af van je inkomen en vermogen.
Het is dus geen kwestie van een rekening insturen en wachten op geld.
Je moet het echt aanvragen en doorlopen. Het verschil met de Wet langdurige zorg (Wlz) is groot. Bij Wlz is de rollator vaak al geregeld, maar voor de meeste ouderen thuis is de Wmo de juiste route. Het is belangrijk dat je dit goed uitzoekt, want de verkeerde aanvraag betekent een afwijzing.
Hoe bereken je de drempelwaarde en het eigen risico?
Veel mensen denken dat ze niets betalen, maar dat valt vaak tegen. De eigen bijdrage voor de Wmo loopt via het CAK.
Ze kijken naar je verzamelinkomen van twee jaar geleden. Is dat boven de € 37.000 (voor een alleenstaande)?
Dan betaal je het maximumtarief van ongeveer € 22,50 per maand. Is je inkomen lager? Dan betaal je minder.
Tot een bepaald bedrag betaal je soms helemaal niets. Dit noemt men de drempelwaarde.
Het is handig om dit alvast te berekenen voordat je de aanvraag doet. Zo weet je precies wat je maandelijks kwijt bent aan de rollator, bovenop de eventuele huur of aanschafkosten. Voorbeeldberekening: Stel, je hebt een alleenstaand AOW-inkomen van € 1.600 per maand. Dan betaal je vaak het laagste tarief van ongeveer € 11,25 per maand.
Over een jaar is dat € 135. Tegelijkertijd kost een goede rollator vaak € 250 tot € 400.
Je betaalt dus jarenlang voor een hulpmiddel dat je misschien maar een paar jaar gebruikt.
De aanvraagprocedure stap voor stap
De eerste stap is een melding doen bij de Wmo-loper van je gemeente.
Dit kan telefonisch of online. Zeg duidelijk dat je een rollator nodig hebt omdat je niet meer veilig kunt lopen zonder ondersteuning. De wachttijd voor een afspraak is soms een paar weken.
Tijdens het keukentafelgesprek laat je zien wat je nog wel kunt en wat niet. Neem een verklaring van de huisarts of fysiotherapeut mee.
Vertel concrete situaties: "Ik durf de trap niet meer af zonder vast te houden" of "Ik kan de hond niet meer uitlaten zonder uit te rusten".
De Wmo-consulent beoordeelt je aanvraag. Gaat het om een lichte rollator voor binnen? Kijkend naar de gemiddelde kosten van een rollator krijg je vaak een budget van ongeveer € 150 tot € 200. Voor een zwaardere buitenrollator met grote wielen kan dit oplopen tot € 400 of meer. De gemeente keurt de offerte goed of stuurt je naar een gecontracteerde leverancier.
Welke rollator past bij jou en wat kost die?
Er zijn veel soorten rollators. De lichtgewicht modellen wegen soms maar 6 kilo.
Die zijn makkelijk op te tillen in de auto. Merken als Trustcare of Helppo zijn populair bij ouderen die veel onderweg zijn. Ze zijn vaak inklapbaar en hebben een draagriem.
De standaard rollator, zoals de Nippon of de Topro, is zwaarder (rond de 8-10 kg). Deze zijn stabieler en hebben vaak een zitje.
De prijs ligt tussen de € 200 en € 350. Voor de Wmo-aanvraag is dit vaak de standaard keuze voor dagelijks gebruik.
Speciale modellen, bijvoorbeeld een rollator met een boodschappenmandje of een speciale rem voor heuvels, zijn duurder. Kosten: € 400 tot € 600. Als je deze zelf koopt, krijg je die kosten niet terug via de Wmo. De gemeente betaalt alleen wat zij "passend" vinden. Een duurder model moet je vaak zelf bijbetalen.
Een rollator is geen statussymbool, maar een beenprothese voor je stabiliteit. Zie het zo en je weet dat je het waard bent.
Praktische tips om kosten te besparen
Check altijd de eigen bijdragecalculator op de site van het CAK voordat je een aanvraag doet.
Je voorkomt hiermee dat je later voor hoge maandlasten komt te staan. Het scheelt soms tientallen euro’s per maand.
Overweeg tweedehands. Via de thuiszorgwinkel of Marktplaats vind je vaak goede rollators voor € 50 tot € 100. Let wel op de staat van de remmen en de wielen; ga je een rollator tweedehands kopen, let dan goed op de veiligheid. Een oude rollator kan gevaarlijk zijn als de remmen niet meer goed zijn.
Vraag altijd om een proefplaatsing. De meeste leveranciers komen de rollator een week lang brengen.
Zo weet je of het formaat klopt en of je er fijn mee loopt. Pas als je tevreden bent, teken je het formulier voor de definitieve vergoeding. Vergeet niet dat je mantelzorger kan helpen met de aanvraag.
Zij weten vaak beter wat er speelt en kunnen het gesprek met de Wmo-consulent ondersteunen. Samen sta je sterker en voorkom je dat je iets mist in de aanvraag.
Sluit een rechtsbijstandsverzekering af als je vaak te maken hebt met instanties.
Mocht de gemeente de aanvraag afwijzen, dan kan de verzekering helpen met bezwaar maken. Dit kost geld, maar het kan je duizenden euros besparen op de lange termijn. Let op: de Wmo-vergoeding loopt door zolang je de rollator nodig hebt.
Maar de gemeente kan na drie jaar opnieuw kijken of je hem nog nodig hebt. Blijf je klachten houden?
Zorg dan dat je medische dossier up-to-date is. Zo voorkom je dat de vergoeding stopt terwijl je hem nog hard nodig hebt.
Een rollator aanvragen via de Wmo is een drempel op zich. Maar met de juiste voorbereiding kun je eenvoudig de keuze tussen een rollator leasen of kopen maken. Zo blijf je mobiel, veilig en zelfstandig, zonder dat je portemonnee leegloopt.