Hoe vraag ik een gehandicaptenparkeerkaart aan voor mijn naaste

E
Els Vandermeiren
Mantelzorgcoach & Hulpmiddelenexpert
Veelgestelde Vragen & Startpunt · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Stel je voor: je moeder kan niet meer ver lopen zonder pijn, of je partner heeft een scootmobiel nodig voor de boodschappen.

De auto is nog prima, maar parkeren wordt een hel. Een gehandicaptenparkeerkaart zou een uitkomst zijn. Maar hoe regel je dat? Het voelt als een enorme berg bureaucratie. Ik snap dat.

Het is niet altijd makkelijk om je weg te vinden in de WMO of bij de gemeente. Dit is je stappenplan.

Gewoon, zoals je het aan de keukentafel zou uitleggen. We gaan het samen regelen.

Stap 1: Check of je naaste recht heeft op een kaart

Eerst even de harde voorwaarden. Een gehandicaptenparkeerkaart is niet voor iedereen. Je naaste moet ernstig beperkt zijn in het lopen.

De regel is simpel: hij of zij kan niet meer dan 100 meter aaneengesloten lopen, zelfs niet met een looprek of krukken.

De afstand moet echt een probleem zijn, niet alleen vermoeidheid. De kaart is persoonlijk.

Dat betekent dat de kaart op naam komt van je naaste. Hij of zij moet de bestuurder zijn of altijd meerijden. Jij als mantelzorger mag de auto besturen, maar de kaart moet dan zichtbaar liggen en je naaste moet aanwezig zijn.

Let op: een lichte beperking is vaak niet genoeg. De gemeente kijkt naar de totale situatie.

Een huisartsenverklaring is handig, maar de WMO-adviseur of een arts van het CBR beoordeelt dit. Soms is een WMO-consult nodig om dit vast te leggen. Veelgemaakte fout: denken dat een rollator of scootmobiel automatisch recht geeft. Dat is niet zo.

Het gaat om de ernst van het lopen in de auto-omgeving. Ben je er niet zeker van? Bel even met het WMO-loket van je gemeente. Dat mag altijd.

Stap 2: Verzamel de juiste papieren

Je kunt niet zonder spullen beginnen. Zorg dat je alles bij elkaar hebt voordat je begint.

Dat scheelt een hoop heen en weer gemail. Wat heb je nodig? Specifieke tip: vraag bij je naaste’s huisarts om een verklaring waarin staat dat lopen tot 100 meter niet haalbaar is. Sommige gemeenten eisen dit niet, maar het versnelt het proces wel.

De kosten voor zo’n verklaring zijn ongeveer €25 tot €50. Veelgemaakte fout: een te oude pasfoto meesturen.

Gebruik er een die maximaal 6 maanden oud is. Ook mag het hoofd niet te groot zijn; de kin tot kruis moet ongeveer 2,5 cm zijn op de foto.

Stap 3: De aanvraag indienen bij de gemeente

De meeste gemeenten hebben een online formulier. Zoek op “ gehandicaptenparkeerkaart aanvragen [jouw gemeente]”.

Het WMO-loket is je startpunt. Soms moet je bellen voor een afspraak, vaak kun je direct digitaal. Vul het formulier zorgvuldig in.

Geef duidelijk aan waarom je naaste de kaart nodig heeft. Beschrijf de dagelijkse situatie: hoe ver kan hij/zij lopen?

Welke hulpmiddelen gebruikt hij/zij? Benoem de WMO-hulp die al is geregeld, zoals thuiszorg of een scootmobiel. Upload de documenten. Doe dit in PDF of JPG, maximaal 5 MB per bestand.

Controleer of de bestanden leesbaar zijn. Een onleesbare scan zorgt voor vertraging.

Tijdsindicatie: de aanvraag zelf duurt 15-30 minuten. Veelgemaakte fout: het formulier half invullen en later aanvullen. Dat leidt tot extra vragen. Doe het in één keer goed.

Stap 4: Het medisch onderzoek (als dat nodig is)

Niet elke gemeente doet hetzelfde. Soms volstaat de WMO-adviseur.

Andere keren stuurt de gemeente je door naar het CBR voor een medische keuring.

Dit is een aparte afspraak. De keuring duurt ongeveer 30 minuten. Een arts bekijkt hoe ver je naaste kan lopen, welke hulpmiddelen gebruikt worden en of er sprake is van een blijvende beperking.

Soms moet je naaste een stukje lopen in de praktijkruimte. Kosten: de keuring is vaak gratis of kost maximaal €50, afhankelijk van de gemeente.

Vraag dit vooraf na. Een WMO-consulent kan hierover meer vertellen, bijvoorbeeld wanneer je wilt weten of je naaste recht heeft op een scootmobiel. Veelgemaakte fout: niet weten dat je een verwijsbrief nodig heeft. Vraag dit bij het WMO-loket. Zonder brief kom je niet binnen.

Stap 5: De beslissing en de kaart ophalen

De gemeente moet binnen 8 weken een beslissing nemen. In de praktijk is het vaak sneller, soms al binnen 4 weken. Je krijgt een brief met een beschikking.

Daarin staat of de kaart wordt toegekend. Is de kaart goedgekeurd?

Dan krijg je een ophaalbericht. Je moet de kaart persoonlijk ophalen bij het gemeentehuis of een speciaal loket.

Neem je legitimatie mee en het ophaalbericht. De kaart is een plastic pasje, ongeveer creditcardformaat. De kaart is 5 jaar geldig.

Daarna moet je opnieuw aanvragen. Tussentijds veranderen? Bijvoorbeeld als je naaste overlijdt, de situatie verbetert of als je tijdelijke opvang voor je naaste nodig hebt, moet je dit melden.

De kaart blijft eigendom van de gemeente. Veelgemaakte fout: de kaart niet meenemen bij het ophalen. Je moet hem zelf afhalen, niet iemand anders. En vergeet niet de pasfoto mee te nemen voor de zekerheid.

Stap 6: Gebruik de kaart op de juiste manier

De kaart geeft recht op parkeren op gehandicaptenparkeerplaatsen. Deze zijn herkenbaar aan het blauwe bord en het witte vak met het rolstoelsymbool.

Je mag ook parkeren op een gewone parkeerplaats zonder betaald te worden, maar alleen als je naaste meerijdt.

De kaart moet zichtbaar liggen. Leg hem op het dashboard, met de voorkant zichtbaar. Niet in de glovebox of onder de stoel.

Handhavers moeten direct kunnen zien dat de kaart geldig is. Je mag de kaart alleen gebruiken als je naaste in de auto zit.

Zonder hem of haar erbij mag je niet parkeren op een gehandicaptenplek. Dat is een overtreding en levert een boete op van €95. Veelgemaakte fout: de kaart vergeten als je even snel boodschappen doet. Zonder kaart ben je niet beschermd. Hang een herinnering op: “Kaart mee!” bij de deur.

Stap 7: Wat als de aanvraag wordt afgewezen?

Een afwijzing komt voor. De gemeente kan vinden dat je naaste niet ernstig genoeg beperkt is, of misschien merk je dat je naaste hulp weigert terwijl het wel nodig is.

Lees de brief goed. Daar staat in waarom en wat je kunt doen. Je kunt binnen 6 weken bezwaar maken. Dat is gratis.

Schrijf een brief aan het college van burgemeester en wethouders. Leg uit waarom je het niet eens bent.

Voeg nieuwe medische informatie toe, bijvoorbeeld een uitgebreidere verklaring van de huisarts of een specialist. Hulp vragen mag. Een WMO-consulent of een juridisch loket kan helpen met de bezwaarbrief.

Ook een patiëntenvereniging geeft vaak ondersteuning. Je staat er niet alleen voor.

Veelgemaakte fout: te laat bezwaar maken. De termijn is streng.

Zet de datum in je agenda zodra je de brief krijgt.

Verificatie-checklist: heb je alles goed gedaan?

Als je deze checklist kunt afvinken, ben je goed voorbereid. Het proces voelt soms traag, maar met deze stappen houd je het overzichtelijk. Je kunt dit.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Veelgestelde Vragen & Startpunt
Ga naar overzicht →
E
Over Els Vandermeiren

Els Vandermeiren heeft jarenlange ervaring als mantelzorgcoach en begeleidt families bij het regelen van thuiszorg, WMO-aanvragen en het kiezen van de juiste hulpmiddelen. Ze schrijft praktisch en empathisch over alles wat mantelzorgers nodig hebben — van rollators tot PGB-aanvragen.

Op de hoogte blijven?
Ontvang praktische tips en reviews. Geen spam.
Geen spam. Je gegevens worden niet gedeeld.