Zittend ziekenvervoer vergoeding: Taxi of eigen auto vergoeding regels

E
Els Vandermeiren
Mantelzorgcoach & Hulpmiddelenexpert
Zorgfinanciën, Regelingen & Wetgeving · 2026-02-15 · 8 min leestijd

Stel je voor: je moet naar het ziekenhuis voor een langdurige behandeling. Je kunt niet meer zelf autorijden en het openbaar vervoer is te vermoeiend of te ver weg. Wat nu?

Veel mensen denken direct aan een dure taxi, maar gelukkig zijn er regelingen die een deel van deze kosten dekken. Het regelen van zittend ziekenvervoer voelt soms als een doolhof van papierwerk en regels. Het is ingewikkeld, je weet niet waar je moet beginnen en je wilt natuurlijk niet voor onaangename verrassingen komen te staan bij de rit naar de fysiotherapeut of de oncologische afdeling. Dit is waar de WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning) en de zorgverzekering om de hoek komen kijken, en het is essentiel om te weten hoe je deze regelingen in je voordeel kunt gebruiken.

Wat is zittend ziekenvervoer precies?

Zittend ziekenvervoer is simpelweg het vervoer van patiënten die niet kunnen staan of lopen tijdens de rit. Je zit dus gewoon in een stoel, net als in een gewone auto of taxi.

Dit is heel anders dan een brancard of een ambulance. Deze vorm van vervoer is bedoeld voor ritten naar medische behandelingen, zoals chemotherapie, dialyse, fysiotherapie of bestralingen.

Het gaat hierbij om ritten die medisch noodzakelijk zijn. Het is belangrijk om het verschil te zien tussen medisch vervoer en zittend ziekenvervoer. Medisch vervoer is vaak voor mensen die bedlegerig zijn.

Zittend ziekenvervoer is er voor die groep mensen die nog wel kunnen zitten, maar waarbij het zelfstandig reizen met het openbaar vervoer of eigen auto niet lukt. Denk aan ouderen die net een heupoperatie hebben gehad en tijdelijk niet mogen autorijden, of mensen met ernstige longproblemen die de wandeling naar de bushalte niet aankunnen. De reden dat deze regelingen bestaan, is om te zorgen dat iedereen de zorg kan krijgen die hij of zij nodig heeft. Een gemiste afspraak bij de specialist kan grote gevolgen hebben.

De drempel om naar het ziekenhuis te gaan mag niet te hoog worden, simpelweg omdat het vervoer niet geregeld is.

Zittend ziekenvervoer is dus een cruciale schakel in de thuiszorg en de medische begeleiding van kwetsbare mensen.

De twee hoofdrolspelers: WMO en Zorgverzekering

Het regelen van vervoer draait vaak om twee verschillende wetten. De belangrijkste vraag is: wie is er verantwoordelijk?

De gemeente (via de WMO) of je zorgverzekeraar? Dit hangt volledig af van de reden van je rit en je eigen situatie.

Het is een wirwar, maar als je de basisregel eenmaal snapt, wordt het een stuk duidelijker. De zorgverzekering (via de basisverzekering) betaalt het vervoer wanneer je naar het ziekenhuis of de kliniek gaat voor een behandeling die onder de Zorgverzekeringswet (Zvw) valt. Denk aan bestralingen, chemokuren of het spreekuur van een specialist.

Hiervoor heb je een medische indicatie nodig van je arts. De rit moet strikt medisch noodzakelijk zijn.

Je hoeft voor deze ritten geen eigen bijdrage te betalen, maar je hebt wel eigen risico. Let op: het eigen risico geldt alleen voor de rit zelf als deze wordt geclaimd bij je zorgverzekeraar, vaak loopt dit via een speciale regeling. De WMO komt in beeld wanneer het vervoer niet direct te maken heeft met een medische behandeling, maar met het functioneren in de maatschappij. Stel, je bent chronisch ziek en je kunt niet meer autorijden, maar je wilt wel graag naar je dagbesteding of de weekmarkt.

Dit valt onder de WMO. De gemeente beoordeelt of je recht hebt op een voorziening.

Dit kan een taxi zijn, een vervoerspas, of een vergoeding voor de eigen auto. Bij de WMO betaal je vaak een eigen bijdrage.

Regels voor de eigen auto: Kilometervergoeding

Veel mensen prefereren hun eigen auto boven een taxi. Het voelt vertrouwd en je bent flexibeler.

Goed nieuws: het is vaak mogelijk om een vergoeding te krijgen voor het gebruik van je eigen auto. Dit heet een kilometervergoeding. Je krijgt dan een bedrag per gereden kilometer uitgekeerd.

Dit is vaak een stuk voordeliger dan een dure taxirit, zeker als je ver moet reizen. De hoogte van de vergoeding verschilt per regeling.

Bij de zorgverzekering ligt dit bedrag vast (vaak rond de €0,21 tot €0,30 per kilometer, afhankelijk van de afspraak).

Bij de WMO kan de gemeente een eigen tarief hanteren. Soms is dit hetzelfde bedrag als de belastingdienst hanteert voor zakelijke ritten, soms is het een lager tarief. Je moet de ritadministratie strikt bijhouden: datum, startadres, bestemming, aantal kilometers en de reden van de rit. Een valkuil is dat je soms eerst een taxi moet aanvragen, en pas daarna mag wisselen naar eigen vervoer.

Dit ligt aan de gemeente. Sommige gemeentes werken met vervoerspassen (zoals de Valys pas voor langere afstanden of een lokale vervoerspas) waarmee je zelf een taxi kunt bestellen.

Andere gemeentes geven de voorkeur aan een taxabedrijf dat contracten heeft. Vraag dus altijd eerst bij je gemeente na wat hun voorkeursmethode is voordat je de eigen auto pakt. Anders loop je het risico dat je de rit zelf moet betalen.

Regels voor de Taxi: Contractvervoer

Wanneer een taxi noodzakelijk is, bijvoorbeeld omdat je niet in een gewone auto kunt stappen of omdat de afstand te groot is voor een kilometervergoeding, dan gaat het vaak om contractvervoer. Dit betekent dat de gemeente of de zorgverzekeraar een contract heeft met een specifiek taxibedrijf.

Je mag dan niet zomaar elk willekeurig taxibureau bellen; je moet gebruikmaken van de gecontracteerde vervoerder. Bij zittend ziekenvervoer via de zorgverzekering worden de ritten vaak rechtstreeks geregeld via het ziekenhuis of de behandelend instelling. Zij hebben vaak een eigen vervoersdienst of helpen je bij het sociaal medisch vervoer aanvragen via een taxicentrale.

Je hoeft je dan niet druk te maken om de factuur; die gaat meestal direct naar de zorgverzekeraar.

Wel moet je je verzekeringspas tonen bij de chauffeur. Als je valt onder de WMO, werkt dit vaak anders. Je krijgt dan te maken met de WMO-taxi. Je moet je aanmelden bij de gemeente, een indicatie krijgen en dan krijg je een pasje.

Met dit pasje kun je ritten boeken. Let goed op de wachttijden; voor een WMO-taxi moet je vaak minimaal een dag van tevoren boeken.

Spoedritten zijn soms lastiger te regelen, tenzij het om een medische noodsituatie gaat. Houd er rekening mee dat de chauffeur je soms moet helpen met in- en uitstappen, maar dat hij geen verpleegkundige zorg mag verlenen.

Prijzen en Eigen Bijdrage: Wat kost het?

De kosten zijn natuurlijk een grote zorg. Niemand wil voor verrassingen komen te staan.

Laten we de kosten even op een rijtje zetten, want er zit nogal een verschil in.

Een specifieke regeling is de 'niet-verschijnende chauffeur'. Dit is een regeling waarbij je als mantelzorger of hulpverlener zelf rijdt, maar de vergoeding krijgt alsof er een chauffeur aan te pas was gekomen. Dit is een specifieke WMO-regeling die niet overal bestaat. Informeer ook naar een parkeervergunning voor mantelzorgers, want dit kan een flinke besparing zijn op de eigen bijdrage.

Praktische tips: Zo regel je het soepel

Het aanvragen van vervoer voelt zwaar, maar met de juiste stappen kom je er wel. Begin op tijd. Wacht niet tot de week voordat je behandeling begint.

De indicatieprocedure voor de WMO kan weken duren. De zorgverzekering is vaak sneller, maar regel het vervoer voor een belangrijke afspraak minstal een week van tevoren. Hou een ritadministratie bij.

Zeker als je gebruikmaakt van je eigen auto. Zonder bewijs, geen vergoeding.

Gebruik een simpel notitieboekje of een app op je telefoon. Noteer: datum, vertrekadres, bestemming, kilometerstand bij vertrek en aankomst, en de reden van de rit (bijvoorbeeld 'chemokuur locatie X' of 'fysiotherapie'). Check altijd je eigen risico.

Als je al veel zorgkosten hebt gehad dit jaar, heb je misschien al je eigen risico betaald. Dan kost het vervoer via de zorgverzekering je verder niets.

Als je net aan het nieuwe jaar bent begonnen, hou er dan rekening mee dat het eigen risico wordt aangesproken.

Dit geldt overigens niet voor de eigen bijdrage WMO. Twijfel je nog? Schakel hulp in. Bij de gemeente zit een WMO-consulent die je kan helpen met de aanvraag. Ook de sociale wijkteams of een patientenvereniging (bijvoorbeeld de Niervereniging of KWF Kankerbestrijding) hebben vaak vrijwilligers die je kunnen helpen met het invullen van formulieren.

Je hoeft dit niet alleen te doen. Vraag om hulp, of kijk of je in aanmerking komt voor een vergoeding voor mantelzorgers; dat is wat goede zorg nu eenmaal inhoudt.

Volgende stap
Lees het complete overzicht
WMO hulpmiddelen overzicht: Wat vergoedt de gemeente wel en niet →
E
Over Els Vandermeiren

Els Vandermeiren heeft jarenlange ervaring als mantelzorgcoach en begeleidt families bij het regelen van thuiszorg, WMO-aanvragen en het kiezen van de juiste hulpmiddelen. Ze schrijft praktisch en empathisch over alles wat mantelzorgers nodig hebben — van rollators tot PGB-aanvragen.

Op de hoogte blijven?
Ontvang praktische tips en reviews. Geen spam.
Geen spam. Je gegevens worden niet gedeeld.